Drie dochters, drie Elfstedenkruisjes

Tweeëntwintig jaar had men erop gewacht, toen in 1985 dan toch eindelijk de Elfstedentocht kon worden geschaatst. Warner B. Banga uit Dokkum was een van de trotse deelnemers. Evenals in 1986. Toen het in 1997 nog eens kon, wist hij meteen ‘bij een derde keer heb ik voor al mijn drie dochters een kruisje’. Dat lukte, en er kwam zelfs een vierde keer. Steeds stond Dokkum centraal in zijn tochten.

‘Wie in Dokkum is geweest die komt er wel’ is een bekende uitspraak. “Voor mij als Dokkumer geldt dat dubbel”, vertelt Warner. “Ik reed niet alleen op Dokkum aan, ik reed op huis aan. Op die stukken heb ik veel kopwerk gedaan, ik voelde me zo sterk.” Binnenrijden in Dokkum tijdens een Elfstedentocht, is als een droom, een film waar je middenin staat. “Dokkum is dan echt een arena, precies op de plek waar artiesten dat tijdens de Admiraliteitsdagen ook zo zullen voelen. Alle schijnwerpers zijn op jou gericht, je voelt je een held.” En altijd stonden ze daar, zijn vrouw Ingrid en drie dochters Henriëtte, Tessa en Rixte.

“Ik had nog liever mijn arm gebroken dan dat ik die was kwijtgeraakt”

Warner had tijdens de Elfstedentochten, in een tijd dat er nog geen mobiele telefoons waren, een handigheidje bedacht om het thuisfront op de hoogte te houden van waar hij ongeveer was. “Ik had briefjes mee met mijn naam en ons telefoonnummer, met een kwartje erop geplakt. Die gaf ik in een aantal steden aan een omstander, die dan voor mij naar huis kon bellen.” Zo wisten Ingrid en de kinderen waar hij was en wanneer hij ongeveer in Dokkum zou zijn en stonden ze juichend met spandoeken klaar in de stad. “Maar eerst stempelen, dat was het belangrijkste. Niets was zo belangrijk als die stempelkaart. Ik had nog liever mijn arm gebroken dan dat ik die was kwijtgeraakt.”

“Heit, Warner, hier staan we!”

In 2012 was er een ‘wilde tocht’, zonder officiële stempelkaart, maar wel waren daar weer zijn vrouw en dochters. “Omdat we toen mobiele telefoons hadden, wisten ze veel exacter waar we waren. Ik hoor nog die stemmen over de Dokkumer Ee galmen. ‘Heit, Warner, hier staan we!’. Misschien was die onofficiële tocht in 2012 wel de mooiste. De omstandigheden waren perfect en het leuke was; je kwam de hele dag mensen tegen. Tijdens een officiële Elfstedentocht rij je allemaal dezelfde kant op. Nu koos ieder zijn eigen route.

“ ‘De Tocht’ is precies zoals ik het heb beleefd”

Met spektakelmusical ‘De Tocht’ beleefde hij zijn tochten allemaal nog eens opnieuw. “Die zonsopgang boven het Slotermeer, dat is precies zoals ik heb het beleefd.” En dat terwijl hij eerst eigenlijk niet naar ‘De Tocht’ toe wilde. “Al die heisa hoeft voor mij niet, net als met een echte Elfstedentocht. Als het maar even vriest begint het al. Ik denk dan altijd: ‘Laat ze maar lullen’. Ik weet waar het over gaat, ik heb het meegemaakt. Maar ‘De Tocht’… Ik vind het echt fantastisch hoe die musical is neergezet. De beleving van het rijden wordt met de visuele effecten heel goed benaderd. Dokkum kom er ook prachtig in voor, precies met dat stukje van de brug waar ook mijn vrouw en dochters stonden te roepen in 1985, 1986 en 1997. Kippenvel!”

“Ik voel me bevoorrecht dat ik het heb meegemaakt”

De kruisjes, voor iedere dochter één, staan op zijn werkkamer in de vitrinekast. Dochter Tessa daagde hem uit om samen met haar de Elfstedentocht ook te wandelen. Het Elfstedenbrevet hangt nu in de gang. “Het wandelen was veruit de zwaarst van allemaal, het fietsen het makkelijkst. Maar het schaatsen, dat blijft toch het allermooist. Ik ben heel trots dat ik kan zeggen dat ik hem vier keer gereden heb. Bevoorrecht dat ik het heb meegemaakt. Nog elke keer als het over de Elfstedentocht gaat, komt dat heroïsche gevoel weer boven.”

Bekijk meer actueel: